Hoofdluis
Het hebben van hoofdluis is niet schadelijk voor de gezondheid, maar het is wel erg vervelend. Hoofdluizen kunnen alleen bij mensen leven. Overdracht vindt plaats van hoofd naar hoofd, kortstondig haarcontact is al voldoende. Hoofdluizen kunnen niet vliegen of springen, ze kunnen zich wel met hun zes poten aan de haren vastklemmen. De hoofdluis zuigt om de 2 tot 3 uur bloed; dit veroorzaakt de jeuk. Gescheiden van de mens, gaat de hoofdluis binnen een dag dood van de dorst. In het algemeen wordt aangenomen dat de overdracht ook via textiel plaats kan vinden; dit is echter niet mogelijk.
Hoofdluizen zijn bruin van kleur en groeien in hun ontwikkeling van ongeveer ½ mm tot een grootte van 3 mm. Hoofdluis wordt vaak ontdekt omdat het kind veel jeuk heeft op het hoofd. Als de luizen net aanwezig zijn bij het kind, kan het zijn dat er nog geen jeuk gevoeld wordt.
Volwassen luizen leggen 5 tot 9 eitjes per dag. Deze bruin gekleurde eitjes kleven aan de haren vast en bevinden zich dicht bij de hoofdhuid omdat het daar warm is. Na ongeveer 7 tot 9 dagen komen de jonge luizen uit de eitjes. De lege eischalen blijven als zogenaamde neten aan het haar kleven. Deze witgekleurde neten bevatten geen levende luizen meer.
Hoe kan ik zien dat iemand hoofdluis heeft?
· De bruinachtige luizen zijn aan hun krioelende beweging te herkennen. Als er weinig hoofdluizen aanwezig zijn moet er nauwkeuriger gezocht worden. De luizen kunnen dan pas echt goed gevonden worden met een daarvoor bestemde luizenkam.
· De witte luizeneitjes (neten), waar de luizen al uitgekropen zijn, blijven aan de haren kleven. Deze raken niet vanzelf los en kunnen vanwege het kleven alleen langs de haren afgestreken worden.
· Dicht bij de hoofdhuid kan men bruinachtige luizeneitjes ontdekken, met daarin de groeiende larven.
Top 10 misverstanden over luizen
“Luizen krijgt men als men niet hygiënisch is en lange, onverzorgde haren heeft.”
Fout: iedereen kan luizen krijgen die via de haren in contact komt met iemand die luizen heeft.
“Ik was luizen gewoon weg met shampoo. Mensen die hun haren niet met shampoo wassen krijgen luizen.”
Fout: Normale shampoo zorgt er niet voor dat de luizen verwijderd worden (denk aan de klemmende greep).
“Luizen en luizeneitjes kam ik gewoon weg.”
Fout: Luizen (klemmend) en luizeneitjes (kleven) weerstaan zelfs luizenkammen en föhns.
“Als ik de witte neten afknip zijn de luizen weg.”
Fout: De witte neten zijn al leeg en hebben geen functie meer.
“Indien men last heeft van luizen is het alleen van belang degene met luizen te behandelen.”
Fout: Alle “contactpersonen” moeten ontluist worden, zij kunnen namelijk ook ongemerkt besmet zijn.
“Als een kind luis heeft moeten het beddengoed, het speelgoed, de vloerbedekking enz. gewassen worden.”
Fout: Hoofdluis bevindt zich uitsluitend in de haren en kunnen zonder bloed maar een paar uur leven.
“Een kind dat luizen heeft, mag pas weer naar school als er geen neten meer gesignaleerd zijn.”
Fout: geef op school aan dat uw kind luis heeft en dat u het heeft behandeld en dit nogmaals zult doen. Geef aan dat de “bron” waarschijnlijk nog op school aanwezig is).
“Een arts moet constateren dat er geen luizen meer zijn.”
Fout: Artsen doen dit niet, ze hebben vaak tijdgebrek en kunnen niet zien of de neten leeg zijn.
“Ik mag van de schoolleiding eisen dat kinderen met luis niet op school mogen komen.”
Fout: De schoolleiding houdt nauw contact met de GGD; gezamenlijk wordt naar een oplossing gezocht om het luizenprobleem tegen te gaan. “Wering” wordt niet toegepast.
“Luizen zijn alleen actief in september en januari.”
Fout: Luizen kunnen het hele jaar door ongenodigde gasten zijn.
Bronvermelding: www.picksan.nl